Ook radicaal-rechts realiseert zich nu: Trump is geen vanzelfsprekende vriend
In dit artikel:
In Europa slinkt de honeymoon tussen radicaal-rechtse partijen en Donald Trump nu zijn buitenlandbeleid onvoorspelbaar en nadelig voor Europese belangen blijkt. Afgelopen week riep Alice Weidel (AfD) tijdens een bijeenkomst in Berlijn haar partijgenoten op om terughoudend te zijn in het openlijk tonen van nauwe banden met de MAGA-beweging — een signaal dat te veel nabijheid aan Trumps achterban electorale schade kan veroorzaken in Duitsland, waar de Amerikaanse regering weinig populair is.
Ook andere prominente rechtse leiders maken afstand. Marine Le Pen hekelt Trump vanwege de economische effecten van zijn oorlog in Iran, terwijl de Italiaanse premier Giorgia Meloni recent weigerde Amerikaanse troepen gebruik te laten maken van een militaire basis op Sicilië, tot onvrede in Washington. Binnen het Europees Parlement lieten leden van de Patriots for Europe — waar onder meer Geert Wilders’ PVV bij hoort — vorige week hun twijfels zien door tegen een handelsakkoord met de VS te stemmen dat 15 procent importheffingen voorzag.
Experts wijzen erop dat het Iraanse conflict en andere beslissingen van Washington direct voelbare gevolgen voor Europeanen hebben, bijvoorbeeld hogere brandstofprijzen, en dat veel kiezers deze oorlog niet steunen. Die publieke onvrede maakt het politiek lastig voor radicaal-rechtse partijen om Trump openlijk te blijven omarmen, zeker nu er lokaal en nationaal veel op het spel staat: de AfD doet mee aan belangrijke lokale verkiezingen, Le Pen mikt op het presidentschap en Meloni voerde campagne voor een sleutelfragment.
De huidige terughoudendheid is niet helemaal nieuw: eerder stoorden Trumps opmerkingen over een mogelijke overname van Groenland en zijn protectionistische toon al bij Europese nationalisten. Analisten als Matthijs Rooduijn, Henri de Waele en Catherine de Vries wijzen erop dat er een diepere spanning bestaat tussen het nationalisme van Europese radicaal-rechts en Trumps geopolitieke keuzes, die soms rechtstreeks tegen Europese belangen ingaan.
Als gevolg zoeken radicaal-rechtse partijen elkaar steeds meer op binnen Europa. Sinds de verkiezingen van 2024 hebben zij een groot aandeel in het Europees Parlement, wat samenwerking — ook met centrumrechtse partijen zoals de EVP op thema’s als migratie — aantrekkelijk maakt. De draai naar meer pro-Europees praktische samenwerken lijkt vooral strategisch: men distantieert zich van Trump waar dat electorale winst oplevert, maar veel ideologische overlap blijft bestaan op onderwerpen als migratie, klimaat en anti-establishment sentiment.
Kortom: de oude bewondering voor Trump maakt plaats voor pragmatische afstand, niet per se voor een blijvende breuk. De invloed en aantrekkingskracht van radicaal-rechtse ideeën in Europa blijven ook zonder Trumps actieve steun zichtbaar.